Wie een huurwoning opzegt, krijgt te maken met twee begrippen die in bijna elk huurcontract staan: bezemschoon en oude staat. Het eerste is eenvoudig, het tweede leidt geregeld tot discussie. Vooral wanden en plafonds zijn een bron van onenigheid, omdat een huurder in de loop der jaren vaak heeft geschilderd, behangen of gaten geboord.
Een verhuurder die bij de eindinspectie werk ziet liggen, laat het zelf uitvoeren en brengt de kosten in rekening. Die bedragen liggen doorgaans hoger dan wanneer de huurder het werk vooraf laat doen. Een goede voorbereiding van het schilderwerk voorkomt dus gedoe bij de sleuteloverdracht.
Bezemschoon en oude staat
Bezemschoon betekent leeg, geveegd en zonder achtergelaten spullen of afval, ook in de berging, de schuur en op zolder. Oude staat gaat verder: de woning moet terug naar de toestand bij het begin van de huur. Wat dat precies inhoudt, verschilt per verhuurder. De een accepteert een geverfde muur en laminaat, de ander wil witte wanden en de originele vloer terug. Het huurcontract en het opnamerapport van de voorinspectie geven daarover uitsluitsel.
De voorinspectie als werklijst
Na de opzegging plant de verhuurder of woningcorporatie een voorinspectie. Een opzichter loopt de woning door en noteert wat er nog moet gebeuren, meestal met een termijn tot de eindinspectie. Woningontruiming De Ster, dat woningen in één traject van vol naar sleutelklaar brengt, neemt dat opnamerapport als uitgangspunt. Voor het schilderwerk is die lijst net zo bruikbaar: er staat in welke wanden terug naar wit moeten en welk behang eraf moet.
Wanden en plafonds terug naar de oude staat
Donkere of felle kleuren dekken slecht af met een enkele laag witte muurverf. Meestal zijn twee lagen nodig, soms met een dekkende grondlaag eronder. Wanden met nicotine- of rookaanslag vragen eerst reiniging en daarna een isolerende grondverf, anders slaat de gele aanslag door de nieuwe laag heen. Pluggen gaan eruit en de gaten worden gevuld en geschuurd voordat er gesausd wordt. Behang gaat er meestal volledig af, waarna de wand gladgemaakt en gesausd wordt. Een plafond dat bij de start wit was, moet dat bij vertrek ook weer zijn.
De volgorde van het werk
De volgorde bepaalt of het schilderwerk strak oplevert. Eerst gaat de inboedel eruit, daarna de vloeren als laminaat, vinyl of tapijt, inclusief lijmresten. Dan volgen behang, gaten, sauswerk en klein herstelwerk aan plinten, deuren en kastjes, en pas als laatste de eindschoonmaak van keuken, sanitair en ramen. Wie eerst schildert en daarna de vloer loshaalt, loopt kans op beschadigde plinten en stof op verse verf. Op woningontruimingdester.nl staat beschreven wat de eindschoonmaak omvat en wanneer een woning meer nodig heeft dan een standaardbeurt, bijvoorbeeld bij schimmel op muren of plafonds of bij rook- en nicotineaanslag.
Tijd voor drogen en controle
Muurverf is vaak binnen enkele uren stofdroog, maar een tweede laag en het nalopen van randen en plinten kosten extra tijd. Wie het schilderwerk op de laatste dag voor de eindinspectie plant, heeft geen ruimte meer om plekken bij te werken. Een marge van een paar dagen tussen het laatste sauswerk en de eindinspectie maakt het mogelijk de woning bij daglicht na te lopen en kleine verschillen in glans of dekking nog te herstellen.